Blog
Volg mijn belevenissen op mijn blog. Ik deel mijn eigen verhalen én die van anderen. Ik vertel leuke anekdotes en laat voorbeelden zien van mensen die mij inspireren.

Spelen met vuur
In de wintermaanden is het voor elke amateurfotograaf weer een uitdaging om buiten wat te gaan doen.
Vaak zijn de omstandigheden niet gunstig – in ieder geval niet gunstiger dan in de andere drie seizoenen.
Je gaat dan op zoek naar nieuwe uitdagingen. Vaak verzamel ik mijn ideeën gedurende het hele jaar voor wat ik in de wintermaanden kan gaan doen.
Eén van die ideeën was om iets te gaan doen met vuur.
Met een statief en camera onder mijn arm ga ik naar buiten en probeer ik het een en ander uit.
Tijdens mijn jeugd was fikkie stoken één van mijn favoriete bezigheden.
Ik woonde op het platteland, dus er waren genoeg dingen die ik in de fik kon steken zonder dat iemand daar last van had – althans, dat dacht ik toen.
Wat ik altijd leuk vond om te doen, was het aansteken van staalwol. Dat ging dan zo lekker gloeien. Wie heeft dat nou niet gedaan in zijn jeugd?
Ik had op internet wat gelezen en gezien over vuur en staalwol.
Je neemt een garde (waar je bijvoorbeeld slagroom mee opklopt), doet tussen de garde wat staalwol en monteert de garde aan een touw of ketting.
Vervolgens steek je het staalwol aan en begin je met rondjes draaien.
Op deze manier voeg je heel veel zuurstof toe aan het gloeiende staalwol, en zullen de vonken je om de oren vliegen.
Wel even opletten dat je iets van een pet of muts draagt, want de vonken vliegen je om de oren – en die doen echt pijn als die bovenop je hoofd terecht komen. Ik spreek uit ervaring.
Zet de camera op een sluitertijd van ongeveer tien seconden en begin te draaien. Erg leuk om te doen!
Ik heb voor een aantal fotografen eens een demonstratie gegeven. Dat ging op zich goed, maar na een paar keer gedraaid te hebben, stond er ineens politie naast me.
Ze hadden een melding gekregen van buurtbewoners dat de vonken in het rond vlogen.
Gelukkig was de brandweer (nog) niet ingeschakeld.
Mijn tip is dan ook: doe dit niet binnen de bebouwde kom en zorg voor eventuele blusmiddelen – een brandblusser, of een emmer water of zand.
Veel plezier
Vivian Maier
Vivian Maier was een Amerikaanse straatfotografe die in het geheim meer dan 150.000 foto’s maakte, voornamelijk in Chicago.
Ze werkte haar hele leven als oppas en verborg haar werk volledig, waardoor haar genialiteit pas na haar dood werd ontdekt, toen een deel van haar werk per ongeluk werd geveild door John Maloof.
Haar verhaal is tragisch vanwege haar eenzame leven, maar haar werk – gekenmerkt door een uniek oog voor het dagelijks leven – wordt nu erkend als dat van een van de belangrijkste fotografen van de 20e eeuw.
Geboren in New York, bracht ze haar jeugd deels in Frankrijk door en keerde ze in 1951 terug naar de VS, waar ze de rest van haar leven als oppas werkte.
Ze woonde bij verschillende welgestelde gezinnen in Chicago en New York.
Maier was een solitaire en excentrieke persoonlijkheid die haar leven en werk uiterst privé hield.
John Maloof kocht op een veiling een doos met haar negatieven en werd gefascineerd door de kwaliteit van de foto’s.
Hij begon haar leven en werk te onderzoeken, ontdekte de omvang van haar nalatenschap en deelde die met de wereld, wat leidde tot een wereldwijde doorbraak na haar dood in 2009.
Haar verhaal werd verder verteld in de met een Oscar genomineerde documentaire Finding Vivian Maier.
Haar werk richtte zich op gewone mensen en het dagelijks leven, met een ongefilterde blik op de straat en de maatschappij.
Ze maakte veel foto’s met een z.g.n. Rolleiflex-camera, die ze op ooghoogte of “op de heup” gebruikte, wat haar in staat stelde onopvallend te fotograferen.
Ze maakte ook vele zelfportretten, die een indringende en vaak mysterieuze blik werpen op haarzelf en haar omgeving.
Haar foto’s worden beschreven als confronterend, vertederend en grappig, maar ze vertellen vooral een verhaal.
De kracht van de enkele foto
Ik ben een groot gelover in de kracht van de enkele foto.
Eén foto die een verhaal vertelt.
Soms moet je de foto goed in je opnemen, en duurt het even voordat je het hele beeld begrijpt.
Hoe langer je kijkt, hoe meer je gaat zien.
Mijn motto is altijd: Kill youre darlings.
Maak een keuze
Ik zie vaak werk van andere fotografen en die vragen mij om hun foto’s te beoordelen.
Vaak gaat het dan om een onderwerp dat meerdere keren is gefotografeerd.
Dat vind ik meestal jammer: kies één foto waarvan jij vindt dat die het hele verhaal vertelt.
Als je meerdere foto’s van hetzelfde onderwerp laat zien, neemt dat vaak de kracht weg van die ene foto.
Natuurlijk zijn er uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer de foto’s samen een serie vormen die een verhaal vertellen — maar dat zie je niet vaak.
Kijk maar eens naar fotografen die hun werk plaatsen op hun website of op fotosites zoals 500px.
Daar zie je vaak juist die ene foto die het verhaal vertelt.
Ik laat je enkele voorbeelden zien.
Hieronder een aantal foto’s van één en het zelfde onderwerp.
Door een aantal van deze foto’s te laten zien van een verschillend standpunt neemt het de kracht weg van die ene foto.
Ik zou deze foto’s niet op deze manier presenteren. De foto’s zijn mooi van kleur en compositie, maar doordat er drie verschillende foto’s van hetzelfde onderwerp zijn — en in dit geval zelfs van dezelfde boom — verliezen ze aan kracht.
Ik zou één foto kiezen en die zo bewerken dat hij er op zijn best uitziet. Dan heb je een sterke, krachtige foto. In dat geval geldt echt: “kill your darlings.” Dat is best lastig om te doen, maar het is iets wat je met de tijd leert.
Het lijkt zo eenvoudig om een ordinaire huisvlieg te fotograferen, maar in werkelijkheid is het behoorlijk bewerkelijk. Natuurlijk kun je een lens kopen van vele honderden of zelfs duizenden euro’s, maar het maken van deze foto kan ook met de middelen die je al hebt.
Ik gebruik de techniek waarbij je een lens omgekeerd op je camera monteert. Dat gaat niet zomaar: je hebt een adapter nodig die je op de body van je camera bevestigt. De lens draai je vervolgens met het schroefdraad van de filterhouder op deze adapter. Hierdoor krijg je een flinke vergrotingsfactor met je lens.
Wil je nog verder gaan, dan kun je een macrolens op de body van je camera gebruiken en dáárop achterstevoren een lens met een groot diafragma monteren. In mijn geval gebruik ik een 105mm macrolens (f/2.8) als basislens, met daarop een achterstevoren geplaatste 50mm-lens (f/1.4). Op die manier kun je de ogen van een huisvlieg volledig in beeld krijgen.
Het nadeel is wel dat je vanaf dat moment alles handmatig moet instellen. De omgekeerde lens werkt namelijk niet meer automatisch. Door de lens handmatig helemaal maximaal open te zetten (f/1.4) krijg je zoveel mogelijk licht binnen op je macrolens.
En dan begint het zoeken naar de vlieg – en dat blijkt lastiger dan gedacht. Het scherpstelgebied van deze opstelling is ongeveer 0,1 mm groot (lees: klein). Dat maakt het überhaupt al lastig om de vlieg te vinden. Zodra je de vlieg in beeld hebt, begin je met scherpstellen op het uiterste puntje van zijn “neus”. Ik noem het neus, al weet ik niet wat de officiële benaming is.
Vervolgens druk je af en verplaats je het scherpstelgebied telkens door de camera iets naar achteren te bewegen. Zo komt het scherpstelpunt steeds iets verder naar achteren. Je maakt net zoveel foto’s totdat de hele kop van de vlieg scherp is vastgelegd.
Bij deze opname heb ik 24 foto’s gemaakt om dit te bereiken. Daarna heb ik alle foto’s in een fotobewerkingsprogramma gezet – in mijn geval Photoshop – en de software de beelden over elkaar laten leggen. Het programma neemt daarbij alleen de scherpe delen van elke foto over in het uiteindelijke beeld.
Bij deze serie duurde het ongeveer vijf minuten voordat Photoshop alle beelden had gestapeld en samengevoegd tot één foto.
Leve de techniek!
Vier-Jaargetijden
Het heeft bijna twee jaar geduurd om deze foto te maken.
De moeilijkheid zat hem in de foto met sneeuw — de afgelopen jaren was er niet altijd sneeuw.
En áls er sneeuw lag, was ik niet op deze plek om de foto te maken. Tegen de tijd dat ik er wél was, met mijn camera, was de sneeuw alweer verdwenen.
Eigenlijk wilde ik een flink pak sneeuw, maar dat lukte steeds niet. Wie weet valt er de komende tijd nog een dik pak — dan ga ik de foto linksonder nog een keer maken.
Het voordeel van deze sneeuwfoto is dat je nu nog wat contouren van de ondergrond kunt zien.
Maar ja, een flink pak sneeuw geeft toch altijd wat meer sfeer.
Ik heb de plek waar ik stond gemarkeerd op de grond en daar een foto van gemaakt. Zodat ik elke keer weer op dezelfde plek zou staan.
Gebruik gemaakt van een lens met een vast brandpunt afstand, 50mm is dit geval.
En dan in Photoshop de foto’s handmatig samengevoegd.
Wil je weten waar deze foto genomen is?
Urbex Fotografie
Urbex fotografie
Woordenboek van Dale:
Urbex fotografie (voluit urbex exploration fotografie) is een vorm van fotografie waarbij mensen verlaten, vergeten of moeilijk toegankelijke plekken verkennen en vastleggen. Denk aan oude fabrieken, leegstaande ziekenhuizen, verlaten pretparken, tunnels, bunkers of villa’s waar niemand meer woont.
Urbex fotografie is een geliefde hobby. Het is altijd enorm spannend om een verlaten gebouw te betreden.
Mijn voorkeur gaat uit naar locaties waar ik toestemming heb om binnen te gaan, maar soms ontkom je er niet aan om het toch stiekem te doen.
In Nederland is urbex fotografie eigenlijk nauwelijks mogelijk.
Gebouwen die verlaten raken, worden vaak binnen korte tijd afgebroken.
Wij Nederlanders zijn echte opruimers; we willen geen rommel laten staan.
In het buitenland zijn ze vaak wat “makkelijker” en blijven gebouwen soms jarenlang of zelfs tientallen jaren leeg.
Dat geeft mij de gelegenheid om er prachtige foto’s te maken.
Laten we vooropstellen dat ik – ondanks mijn postuur – geen held ben.
Het betreden van een terrein zonder toestemming geeft me altijd veel stress.
Er zijn naar mijn mening een paar voorwaarden waaraan je moet voldoen:
Ga nooit alleen. Als je valt of vast komt te zitten, is er altijd iemand die je kan helpen of hulp kan halen.
Laat alleen je voetstappen achter.
Neem niets mee en laat geen rommel achter.
Heb respect voor je omgeving.
Ik zie op internet veel zogenaamde fotografen die een locatie beschadigen of spullen meenemen.
Dat vind ik echt niet oké.
De voormalige glasfabriek in Luik – Val Saint Lambert
Dit is een bekende plek voor urbex fotografen.
Als je de naam googelt, zie je pagina’s vol met foto’s.
Ik heb de fabriek bezocht met twee andere fotografen.
We wisten niet zeker of we binnen zouden kunnen komen, maar we zijn toch naar Luik gereden.
Al snel vonden we een gat in het hek waar we doorheen konden.
We wisten dat het terrein werd bewaakt door een beheerder, dus we moesten voorzichtig zijn.
Met een kloppend hart liepen we het terrein op en we vermeden de open plekken.
De fabriek grensde voor een groot deel aan een woonwijk, dus we moesten extra opletten.
We vonden een ruimte die toegankelijk was, maar daar was niets bijzonders te zien.
Eén van ons ontdekte een houten schot dat los tegen een deuropening stond.
Door dat opzij te schuiven konden we de fabriek in.
Eenmaal binnen keken we onze ogen uit.
De fabriek leek nog niet zo heel lang geleden verlaten.
Een deel stond al zeven jaar stil.
Het bijzondere was dat het er zo uitzag alsof het personeel midden in de dag alles had laten vallen en was vertrokken.
Er stonden nog koffiekopjes op tafel en de kledingkluisjes waren nog gevuld met persoonlijke spullen.
Echt bizar.
We hebben er ongeveer twee uur lang foto’s gemaakt.
Toen we buiten stonden en naar een andere hal wilden lopen, moesten we een open terrein oversteken.
Daarbij werden we gezien door de beheerder, die ons dringend verzocht (in het Frans) het terrein te verlaten, anders zou hij de politie bellen.
Dat hebben we uiteraard gedaan.
Terug bij de auto bekeken we de foto’s.
Maar we misten nog één ding: het oudste deel van de fabriek, dat al meer dan veertig jaar verlaten was.
Eén van ons – en ik was het niet – was de echte held en ging opnieuw het terrein op om het te zoeken.
Na enige tijd stuurde hij foto’s van het oude gedeelte.
Dus verzamelden wij ook al onze moed en gingen achter hem aan.
Ik had een extra geheugenkaart in mijn zak gestopt voor het geval we gepakt zouden worden, zodat ik die snel kon wisselen en de foto’s in elk geval zou behouden.
Het oude gedeelte was werkelijk prachtig, de gebouwen waren zo oud en vervallen dat het bijna schilderachtig was.
Hier hebben we de mooiste foto’s gemaakt, de geheugenkaart “rookte” van plezier.
Na anderhalf tot twee uur zagen we de beheerder weer over het terrein lopen.
Ik dacht: shit, nu zijn we eraan. Ik wisselde snel mijn geheugenkaart.
We liepen naar hem toe.
Hij was duidelijk niet blij – wat ik ook wel begrijp – en we moesten nu echt het terrein verlaten.
We hoefden gelukkig de foto’s niet te verwijderen.
Terug bij de auto bekeken we onze buit met een voldaan gevoel.
Na een paar minuten stopte er een auto naast ons.
Het was de beheerder.
Hij zei dat we nu echt beter konden vertrekken, hij keek niet echt vriendelijk.
Vervolgens vroeg hij – met een grote glimlach – of we mooie foto’s hadden gemaakt.
Dat bevestigden we. We lieten hem een paar foto’s zien en hij complimenteerde ons.
Het was een geweldige dag.
Op mijn Gallerij/Portfolio pagina staan nog meer foto’s

